De vorming van ziekenhuisnetwerken biedt een buitengewone kans om een volledig ecosysteem opnieuw te definiëren en tegelijkertijd ook de gewoonten van de huidige verschillende actoren.

In een reeks van drie artikelen, gesensibiliseerd door het nieuws over de  Waalse netwerken, behandelt BHCT drie terugkerende vragen:

·     Illusie of waarheid: Vlaanderen meer gevorderd?

·     Interne concurrentie: een onvermijdelijke tussenstap? (vanaf 23.05)

·     De ene strategie is de andere niet: obstakels en voorbeelden (vanaf 6.06)

Alvorens in te gaan op het gevoelige Noord-Zuid-debat, is het nuttig enkele belangrijke noties van het netwerk-ecosysteem aan te halen:

James Moore Torres Blay definieert de netwerkomgeveing als volgt: “een heterogene coalitie van bedrijven in verschillende sectoren vormt een strategische gemeenschap van belangen of waarden gestructureerd in een netwerk rond een leider die erin slaagt zijn bedrijfsconcept of technologische standaard op te leggen of te delen”

Begin jaren 2000 heeft zowel deze definitie als het concept van netwerk-ecosysteem een ware “boom” in de IT-sector gekend met vele publicaties als gevolg.

IT-bedrijven hebben uiteindelijk een consensus bereikt over gemeenschappelijke strategieën van interconnectiviteit met als doel concurrentiële inefficiëntie, door onverenigbaarheid van hun producten, te verminderen.

Steve Jobs en Steve Wozniak (Apple) Bill Gates (microsoft), Andy Groove (Intel) Linus Torvalds (Linux) …. Dit zijn de architecten van ecosystemen binnen de IT. Al deze persoonlijkheden zijn visionnaire ondernemers die de spelregels in hun vakgebied bepaald en beinvloed hebben (i).  

Het begrip netwerk-ecosysteem is sindsdien uitgebreid naar andere sectoren door aan te tonen hoe een eenvoudige externe factor, zoals een wetszijziging, de positionering en organisatie van alle belanghebbenden binnen een netwerk kan beinvloeden of met een ander voorbeeld dat ons dierbaar is: hoe 14 wolven het verloop van een rivier in Yellowstonpark USA gewijzigd hebben (ii).

Is deze theorie ook van toepassing voor ziekenhuisnetwerken? Zal het wetsontwerp dat de minister op 30 maart heeft ingediend en de hervorming van het netwerk belichaamt, van invloed zijn op het versnellen van de verandering van bestaande ecosystemen binnen de gezondheidszorg?

Drie opeenvolgende artikelen zullen trachten deze vraag te beantwoorden door het probleem vanuit drie verschillende oogpunten te benaderen.

Als we de gespecialiseerde vakpers mogen geloven is onze eerste invalshoek bijzonder actueel. Staat Vlaanderen verder in de uitbouw van ziekenhuisnetwerken dan Wallonië?

In een recent interview zei minister Maggie de Block dat ze zich bewust was van de grote verschillen tussen regio’s. Echter, een verschil betekent niet automatisch de overheersing van een regio, gewoonweg omdat netwerken structueel beschreven zijn.

De originaliteit (en soms de moeilijkheid) van België ligt in de fragmentering van de wetgeving die van toepassing is binnen de gezondheidszorg en de zeer verschillende dynamiek die de meerdere betrokken ministers dagelijks inzetten.

De impact van een wetwijziging op federaal niveau zal, in deze verschillende politieke, juridische en economische omgeving niet resulteren in een vergelijkbare responsiviteit/reactiviteit of aanpassingsvermogen.

Daarom is het gevaarlijke kortweg te besluiten dat Vlaanderen veel meer vooruitgang heeft geboekt bij de vorming van netwerken.

De snelheid, maar vooral de manier om zich aan veranderingen aan te passen, verschilt sterk van de ene acteur tot de andere. Afhankelijk van de perceptie die zij hebben voor het belang van de aangekondigde verandering betreffende zijn eigen overleving in de omgeving in dewelke hij verblijft en evolueert.

Veel Vlaamse ziekenhuizen wilden dus structureel anticiperen op de komst van netwerken door hun toevlucht te nemen tot ziekenhuisclusters of juridische ziekenhuisfusies, ruim voor de hervorming gestemd werd.

Hoewel erg zwaar biedt het jurischische kader, van toepassing op fusies en hergroeperingen van ziekenhuizen, een zekere mate van comfort in de te volgen procedures om, althans structureel, het netwerk te vormen.

Deze nauwkeurige aanpak wordt bijzonder gewaardeerd in Vlaander van en heeft het voordeel van een uitgestippelde juridische fasering met duidelijke voorwaarden (een ander voorbeeld: de verplichtte acreditering in Vlaanderen).

De strikte toepassing van de wet maakt het mogelijk om een sterke structuur te hebben op juridisch, beslissend en incidenteel financieel gebied. Eenmaal op zijn plaats, wordt de toekomstige strategie van interne ontwikkeling en afwerking bedacht en onderhandeld met de zekerheid dat de structuur er tenminste al is.

Sommige Vlaamse netwerken zijn ook gevorderd in het definiëren van ontwikkelingsstrategieën volgens hun eigen waarden en logica.

Sommige gesprekken beloven echter even moeilijk te zijn zowel in het Noord als Zuid betreffende het overstappen naar de meest concrete fasen van pooling, uitwisselingen en specialisaties van verschillende ziekenhuissites.

Een specifiek artikel van de Specialist van vorige week laat in het bijzonder zien dat het bestaan van een uitgewerkte structuur niet synoniem is aan een bestaande strategie en dat de twijfel toeneemt[ii].

Het Franse gedeelte verkiest liever een meer informele aanpak (Latijnse mentaliteit) in plaats van zich in moeilijke en rigide procedures van fusies en ziekenhuisnetwerken te storten. De onderliggende financiële en juridische structuren zijn zwakker maar deze aanpak laat een grotere flexibiliteit toe op het moment dat er keuzes moeten worden gemaakt en contracten moeten worden aangepast voor de toekomstige netwerkafspraken. De uiteindelijk verkozen structuur past zich zo aan de afpreken aan in plaats van de afspraken te maken binnen een reeds bestaande structuur.

De wettelijke versnelling die wordt opgelegd betreft dan ook inderdaad eerder de Franstalige kant waar de ziekenhuizen worden verplicht de nodige structuren vast te leggen. Soms duiken er inderdaad onverenigbaarheden op tussen de al lang gemaakte afspraken binnen een informeel netwerk en de wet.

Geen wonder dat sommige ziekenhuisdirecteurs en professionelen uit de sector de Minister aanspreken over haar rigiditeit gezien de wet jarenlange efficiënte afspraken vernietigt wegens overbruggingen of het niet aan 100% beantwoorden aan het wetsontwerp (iii).

Het Brussels Gewest is nog een andere zaak met een overvloed aan ziekenhuisbedden, drie academische ziekenhuizen, twee taalgebieden, een sterke schending tussen privé en publieke ziekenhuizen. Dit heeft als gevolg dat daar ziekenhuizen eerst en vooral proberen te overleven. Netwerken zullen eerder uit nood of verstek ontstaan dan door een laattijdige verzoening met een (medisch) groepsproject.

Wat wel een feit is, is dat in de drie regio’s maar heel weinig netwerken echt kunnen uitblinken door de aanwezigheid van een groepsontwikkelingsstrategie ten behoeve van het netwerk en niet over de individuele entiteiten die het goedmaken.

Groepsdynamiek is niet beperkt tot een gemeenschappelijk label of mapping.  De echte vooruitgang zal plaatsvinden door uitgebreidere veranderingen die enerzijds veel tijd vergen en anderzijds de wens om de juiste keuzes te maken, zelfs als dit betekent dat moeilijke vraagstukken over de verdeling van middelen moeten worden opgelost.

De structurele alomtegenwoordige netwerken in Vlaanderen bieden slechts de aanvullende garantie dat het besluitvormings-, juridische en deels financiële kader stabieler en reeds aanwezig is. Maar de onvermijdelijke spanningen van wie wat zal doen en met welke middelen (wetende dat ze wel zullen krimpen) blijft overal een open debat

De kracht van een raad van bestuur om de protectionistische impasse te doorbreken om te kiezen voor een echt groepsbeleid kan een groot verschil maken.

Haese Karolien, Building Healthcare for Tomorrow

PUBLISHED ON LINKEDIN: https://www.linkedin.com/pulse/netwerk-ecosystemen-adaptibility-sam-ward/